Verslag werksessie: OV-knooppunten van de toekomst

Verslag werksessie: OV-knooppunten van de toekomst

Datum: 29 oktober 2019
Locatie: MRDH in Rotterdam

Future Mobility Movement, Gemeente Rotterdam en Metropoolregio Rotterdam Den Haag

Verslag werksessie 29 oktober 2019

Welke kansen bieden OV-knooppunten voor stedelijke ontwikkeling? Wat kunnen we daarbij leren van succesvolle voorbeelden elders in Europa? Op 29 oktober organiseerde de Future Mobility Movement samen met de Gemeente Rotterdam en de Metropoolregio Rotterdam Den Haag een sessie om verdieping te zoeken op deze vragen.

Goede groei in Rotterdam: OV als drager van de verdichtingsopgave

50.000 nieuw te realiseren woningen voor 2040, 100.000 nieuwe inwoners, een groei van het aantal arbeidsplaatsen en steeds meer toeristen die Rotterdam bezoeken. Hoe organiseer je dan de enorme toename van mobiliteit die dit met zich meebrengt? Hoe kan de ontwikkeling van het openbaar vervoer bijdragen aan de ‘goede groei’ van de stad? Gert Jan Polhuijs (Gemeente Rotterdam) schetste de integrale opgave voor Rotterdam, dat een getrapte aanpak hanteert:

  1. Verdichten van bestaande plannen: intensiveren rond bestaande OV-stations. Het aantal metro’s kan worden verhoogd tot 24 per uur op het bestaande netwerk en met nieuwe technieken kan dit verder oplopen;
  2. Beter benutten OV-knooppunten langs metro- en spoorlijnen; bij de metrostations op Zuid, in Schiebroek en bij Kralingse Zoom en bij de treinstations Alexander en Stadionpark (in eerste fase nog evenementenhalte). Vanaf 2023 stopt op alle treinstations elke 10 minuten een Sprinter.
  3. Schaalsprong Oost en Oude Lijn: upgrading en doorontwikkeling van OV-knooppunten op het Rotterdamse deel van de ‘oude lijn’ Dordrecht-Leiden, rond Lombardijen en in de Kop van Feijenoord, inclusief nieuwe stations als Stadionpark en Van Nelle én ontwikkeling van een nieuwe OV-verbinding (tangent) tussen Zuidplein, Stadionpark, Kralingse Zoom/Alexander, via een nieuwe oeververbinding. Dit in combinatie met 12 lighttrains per uur op elk station.
  4. Schaalsprong West: in de verdere toekomst wordt ook aan de westflank een nieuwe oeververbinding met OV-tangent voorzien, tussen Zuidplein, Waal-Eemhaven, Merwe-Vierhavens en Marconiplein.

Met de Rotterdamse Mobiliteitsaanpak (RMA) werkt Rotterdam aan een ander netwerkconcept voor het gebied binnen de Ruit, gericht op meer ruimte voor verblijven, lopen, fietsen en OV. Hiermee wordt het City Lounge concept verder uitgebreid en kan een aantal OV-knopen gaan functioneren als nieuwe stadsentrees en mobiliteitshubs. Parallel hieraan organiseert Rotterdam mobility challenges op wijk- en buurtniveau ter ondersteuning van de ingezette mobiliteitstransitie.

Klik hier voor meer informatie over de opgave in Rotterdam.

Het perspectief van de reiziger

Willy Sweers (MRDH) bekeek de OV-knopen vanuit de beleving van de reiziger. Hij legt het accent bij (nieuw) gewoontegedrag. Niemand zit te wachten op keuzestress. De mobiliteit die we aanbieden moet in hoge mate betrouwbaar zijn, gemak en een prettige ervaring bieden, iedere dag opnieuw. Dat vraagt tenminste herkenbaarheid, eenvoudig te bereiken stations en een aantrekkelijke omgeving.

Internationaal onderzoek in 20 Europese steden toont aan dat de beleving van de OV-gebruiker veel meer gaat over de weg naar het OV toe, dan over het OV zelf. Het zijn eigenlijk voetgangers die af en toe gebruik maken van het OV. Dat betekent dus ook dat we voorzieningen moeten realiseren waar voetgangers zich prettig in voelen. Doen we dat goed -en zeker binnenstedelijk zijn hiervoor de condities aanwezig- dan blijkt uit hetzelfde onderzoek dat mensen bereid zijn om tot 70% grotere afstanden te voet af te leggen. Afstanden die nu vaak met de fiets worden afgelegd waardoor op veel plekken de stallingscapaciteit al snel tekort schiet. De directe invloedsfeer van een OV-Knooppunt -en daarmee van het potentiële gebruik- wordt bovendien drie keer groter.

De huidige waardering van de reiziger van OV-knopen in de regio (zo blijkt uit recent onderzoek) is goed, maar tegelijkertijd is er op veel plekken nog flinke winst te behalen. Veilig en schoon zijn voor de gebruiker essentiële waarden. Het dagelijks beheer van een OV-knoop en de omgeving is daarmee zeker zo belangrijk als een goed ontwerp. Klik hier voor de presentatie over de beleving van OV-Knooppunten

Herontwikkeling in het buitenland

Lisette van Doorn, CEO Europe van het Urban Land Institute, liet vervolgens aan de hand van inspirerende voorbeelden elders in Europa zien op welke manier herontwikkeling in het buitenland is aangepakt. Succesvolle herontwikkeling combineert verdichting, functiemenging en infrastructuur waarbij een integrale visie, samenwerking en financiering belangrijke pijlers zijn.

ULI heeft hiervoor een raamwerk ontwikkeld met vier pijlers, waarin ‘attractiveness to talent’ sterk aan belang wint. Jonge mensen werken graag in een aansprekende omgeving en willen niet te veel reizen voor wonen, werk en andere (vrije) tijdsbestedingen. Een omgeving waar functies samenkomen biedt deze mogelijkheid. Maar dat is alleen levensvatbaar als er voldoende kritische massa wordt gegenereerd. Het ontwikkelen van ‘smart density’ wordt zo voor iedereen aantrekkelijk. Het biedt de mogelijkheid om rendement te halen op investeringen, de kosten per inwoner (voor mobiliteit) worden lager en de totale footprint stijgt maar per persoon neemt deze af.

Naast een brede visie op de herontwikkeling, zijn het onderbrengen van de opgave bij een ontwikkelingsmaatschappij (al dan niet publiek-privaat) en de mogelijkheid om te kunnen voorfinancieren belangrijke voorwaarden. Aan de basis vraagt dit het doorbreken van de veelal in Nederland nog opgaande driedeling tussen degene die betaalt, degene die rendement genereert en de gebruiker. Alleen dan wordt value capture finance mogelijk, waarbij een win-win situatie wordt gecreëerd voor de publieke en de private sector. Risco’s, kosten én opbrengsten worden gedeeld en komen ten goede aan het gebied zelf.

Value Capturing kan dan op verschillende manieren vorm krijgen, zo blijkt ook uit de voorbeelden in Europa (Hafencity Hamburg, King’s Cross en Nine Elms in Londen, Aspern Seestadt in Wenen, North Harbour Kopenhagen en Porta Nuova Milaan). Van het terugbetalen van het voorschot, via gedeeld of privaat onderhoud van openbare buitenruimte en voorwaarden die worden gesteld aan de ontwikkeling (bijvoorbeeld voldoende sociale woningen) tot en met het organiseren van evenementen die het gebied levendig en schoon houden. De private sector blijkt hiertoe bereid als het ten goede komt aan de waardeontwikkeling van een gebied.

Klik hier voor meer informatie over Value Capture en de Europese voorbeelden.

In het tweede deel van de sessie is in groepen aan de slag gegaan met de opgaven rondom enkele knooppunten in Rotterdam: Kralingse Zoom, Alexander en Beurs/Churchillplein. De uitkomsten daarvan hebben doen bevestigen dat de OV-knooppunten een belangrijke rol moeten spelen in de herontwikkelingsopgave, vanuit een brede (ook sociaal-economisch ingekleurde) visie.